The Multilingual Mic

By Trudy Kazangu (via Are We Europe)

Art and culture are two of the many charms of the Belgian and European capital of Brussels. With almost every nationality represented, the city has become synonymous to the idea of multiculturalism. Walking around, you will find that every corner has its own customs. One street will guide you to a Moroccan teahouse, passing a Polish supermarket and leaving you puzzled why it smells like barbeque and charcoal smoke—a Brazilian cook-out around the corner. Brussels hosts a little nest for every type of bird.

For the birds wanting to share their creativity, there are many opportunities to perform at open mic events. A cultural phenomenon present in most cities, an open mic is an event that gives an open stage to talented creative minds and it also tries to facilitate a safe space for those who are just getting started. They can be organized anywhere, be it the famous Halles Saint-Géry, an ancient indoor market built in 1881 that is currently used as recreative space filled with bars, or even a library like Muntpunt.

Brussels has its own cultural joker. Belgium has three national languages: French, Dutch and German. Add to this the English that is most prevalent within the European institutions, and Arabic that is the mother tongue of 21.1%  of Brussels’ inhabitants. Many Brusseleirs—how Brussels’ natives like to call themselves—adopted Arabic as one of their many sources for slang. The Congolese language Lingala, Spanish and Portuguese also have a substantial influence on the city’s linguistic landscape. During an open mic session, you can expect to discover artists who will blow you away with Flemish punchlines, Spanish canciones or Arabic poetry.

One of these open mics is called “Slameke.” The name itself is already a sublime example of acculturation: the word “slam” is taken from “slam poetry,” an English term for a form of performance poetry that combines the elements of performance, writing, competition and audience participation. Adding -eke to a word is typically Flemish. The suffix can be used to compose a diminutive, which makes something sound smaller and, thus, cute. A collective of Bruxellois “slammers” decided to create Slameke, because they believed that there is a lack of open mics compared to the amount of talent that the country possesses.

Their events abound in singers, rappers, beatboxers, poets, comedians and even musicians with different background and origins. Everybody is more than welcome to perform. The only thing one has to do to participate is register at the event itself to reserve a slot of stage time. Of course, performers get a drink on the house for their efforts. The only motivation needed! A session counts approximately 20 acts and one special guest, who can be an artist of any kind who will too perform.

Even more surprising are the events by “Open Mic du 50 Nerfs.” The collective’s objective is to organize performances in the city’s most unexpected locations. A street corner, a train station or a park will do, because there are no limitations for creativity, according to the collective. The name “50 nerfs,” or cinqante nerfs in French, literally means 50 nerves. It is a wordplay on “Cinquantenaire,” the name of one of the city’s famous parks (every geographical location in Brussels has a French and Dutch name: in Dutch, the park is called “Jubelpark,” which has a different meaning altogether). What better place than a street to unite humans from different ethnicities—a prime example of public space, since everyone makes use of it.

Take the artists of Soul’Art, a band comprised by singer Martha Canga Antonio—who is also a well-known Belgian actress—the rappers M13, Jazzy Bench and Sparrow, and singer Zed. Some of them have participated in open mic events before they became famous. The sessions gave them more visibility and confidence. Martha used to practice slam poetry in open mics and considers those performances as the start of her career. The five members live in different cities in Belgium and all have African roots. Together they produce hip-hop and soul music, incorporating both Flemish and French, with a touch of English and Portuguese. They are an inspiration for many, and an example of how the linguistic richness of the country unites and doesn’t divide.

The multilingualism and originality of their music made it possible for the collective to draw in a contrasting audience, speaking to people in Flanders, the northern Flemish-speaking part of the country, and in the southern, French-speaking region of Wallonia.

Lying in between the two regions, Brussels has the potential to harness the best of both worlds. The city could become a great example of how to live together, share stories and write an even greater one.

 

 

 

 

De Meertalige Mic

Door Trudy Kazangu

Kunst en cultuur zijn twee van de vele charmes van de Belgische en Europese hoofdstad, Brussel. Aangezien bijna elke nationaliteit gerepresenteerd wordt, kan de stad als synoniem voor het idee van multiculturalisme beschouwd worden. Terwijl je een straat afloopt in de richting van een Marokkaans theehuis, passeer je zomaar een Poolse supermarkt, terwijl je je afvraagt waar de rokerige geur van een barbeque vandaan komt—een Braziliaanse cook-out om de hoek. Brussel herbergt een nest voor elk vogeltje.

Voor de creatieve vogels die hun kunst willen delen, zijn er verschillende mogelijkheden op te treden tijdens open mics. Open mics vinden in de meeste steden plaats en bieden de ruimte aan getalenteerde creatievelingen, ervaren of net begonnen. In Brussel vinden praktisch overal plaats, zoals in de historische Sint-Gorikshallen, een complex aan markthallen dat in 1881 gebouwd werd en tegenwoordig gebruikt wordt voor allerlei recreatieve doeleinden.

Brussel is echter niet zoals andere steden. België heeft drie nationale talen: Frans, Nederlands en Duits. Daarnaast spelen het Engels, de voertaal binnen de Europese instituties, en het Arabisch, dat door 21,1% van de Brusselse populatie gesproken wordt, een grote rol. Vele Brusseleirs, zoals de inwoners van Brussel zichzelf noemen, gebruiken Arabische termen als onderdeel van hun slang. Ook de Congolese taal Lingala, het Spaans en Portugees drukken hun stempel op het linguïstische landschap van de stad. Tijdens een open mic zullen de Vlaamse punchlines je om de oren vliegen, evenals Spaanse canciones of Arabische poëzie.

Eén van deze open mics heet “Slameke.” De naam zelf is een subliem voorbeeld van acculturatie: het woord “slam” komt van “slam poetry,” een Engelse term voor een vorm van performance poëzie, waarin elementen van performance art, schrijven, competitie en publieksparticipatie worden geïncorporeerd. Het toevoegen van -eke aan een woord is typisch Vlaams. Dit achtervoegsel wordt gebruik om een verkleinwoord te creëren en het onderwerp schattiger te laten voorkomen. Slameke werd in het leven geroepen door en Brussels collectief aan “slammers” die vonden dat er te weinig open mics waren voor de hoeveelheid aan talent dat België te bieden heeft.

Tijdens Slameke stuit je op vocalisten, rappers, beatboxers, dichters, cabaretiers en zelfs muzikanten. Iedereen is welkom om op te komen treden; het enige dat je moet doen is jezelf opgeven tijdens het evenement. Natuurlijk krijgen performers een drankje van het huis. De voornaamste motivatie! Tijdens een open mic betreden ongeveer 20 acts en één special guest het podium.

Nog verrassender zijn de evenementen van “Open Mic du 50 Nerfs.” Het collectief stelt zichzelf als doel om optredens te organiseren op de meest onverwachte plekken van de stad. Een straathoek, treinstation of park—volgens het collectief zou creativiteit geen beperkingen moeten kennen. De naam “50 nerfs,” of cinquante nerfs in het Frans, betekent letterlijk 50 zenuwen. Het is een woordspeling op de naam “Cinquantenaire,” één van de beroemde stadsparken (elke geografische locatie in Brussel heeft een Franse en Nederlandse naam: in het Nederlands wordt het park het “Jubelpark” genoemd). Wat is een betere plek dan de straat—de publieke ruimte—om mensen van verschillende etniciteiten samen te laten komen?

Soul’Art is een Belgische band die bestaat uit zangeres en actrice Martha Canga Antonio, de rappers M13, Jazzy Bench en Sparrow en zanger Zed. Voordat de groep doorbrak, namen de leden regelmatig deel aan open mics, wat hen meer zichtbaarheid en zelfvertrouwen opleverde. Martha trad op als slammer—het begin van een succesvolle carrière. De vijf bandleden wonen in verschillende Belgische steden en hebben allemaal Afrikaanse roots. Samen maken ze hip-hop en soul, waarin ze zowel Vlaams als Frans verwerken, evenals een beetje Engels en Portugees. De band is een goed voorbeeld van de manier waarop linguïstische diversiteit mensen bijeen kan brengen, in plaats van hen uit elkaar te drijven.

Door de meertaligheid en originaliteit van hun muziek heeft de groep een breed publiek weten aan te spreken—zowel in Vlaanderen, het noordelijke en Nederlandstalige gedeelte van het land, als Wallonië: het Franstalige zuiden.

Brussel bevindt zich tussen beide regio’s en heeft zodoende de potentie om het beste van beide werelden in zich op te nemen. Een multiculturele plek waar verschillende verhalen gedeeld worden en men samen een nieuw, overkoepelend verhaal schrijft.